We gaan duurzaam verbouwen in fases
Domaine de Montfage komt langzaam weer tot leven. We gaan dat doen op onze eigen manier, en op een manier die past bij deze bijzondere plek. Uiteraard, zoals de mensen die ons kennen weten, doen we het meeste zelf. Die mensen weten ook dat we met ‘we’ dan dus ‘Guillaume’ bedoelen. We gaan werken met de originele materialen: hout, lokale steen, en hopelijk lukt het ons om de kleigrond ook te gebruiken. Voor een aantal zaken ontkomen we (Guillaume dus) er niet aan om samen te werken met lokale vaklui en specialisten, zoals een architect en een Maitre de construction, een typisch Frans beroep.
Tot nu toe worden we énorm geholpen door onze makelaar. Wie zegt dat Franse makelaars boefjes zijn, heeft gewoon pech gehad. Onze makelaar is onze rots in de branding, de hoeksteen van de transactie, bodyguard en secretaresse. Deze vrouw is altijd bereikbaar, moet dealen met 14 verkopers, ons Nederlanders, en heeft ondertussen al 2km aan nieuwe elektriciteitsleidingen geregeld. Zoals je al hoort, we koesteren haar.
Ze raadde ons ook aan om een Maitre de construction in te schakelen. In Nederland kennen we een aannemer, en soms gebruiken mensen een bouwbegeleider. In Frankrijk, waar de bouwsector nog afhankelijker is van netwerken dan in Nederland, wordt dit allemaal gedaan door een Maitre de construction. Dit moet iemand zijn die uit de regio komt, de taal spreekt van de werklui en, bonustip: een vrouw. Want vrouwen kunnen beter onderhandelen met mannen, zo zei onze makelaar. En uit het hierbovenstaande kun je afleiden dat ik haar daarin blind geloof. Het wordt een vrouw.
We willen ‘onze Maitre’ pas aan het werk zetten als de koop rond is, eind april. We zitten nu nog in de fase van plannen, begrotingen en planningen maken. In de zomer, als de kinderen vakantie hebben, willen we echt gaan beginnen. We hebben al een aantal offertes opgevraagd. Het blijkt dat Nederlanders bekend staan als goed betalende opdrachtgevers. Onze lieve makelaar slaakte een zucht toen ze hoorde wat de septic tank zou gaan kosten. En van de offerte van de architect moesten we zelf een traantje wegpinken. We wachten maar even tot we een Française de onderhandelingen kunnen laten doen.
Ons plan is nu om eerst het kleine huisje aan te pakken, de Bergerie. Daar willen we zo snel mogelijk in gaan wonen. Ik kan niet wachten, het wordt een geweldig knus huisje. 2 slaapkamers, de kindjes in een stapelbed, en een hoge woonkamer met vide. Boven de slaapkamer komt dan een soort ‘opkamer’ als speelkamer. Buitenom nog een grote pantry voor vriezer, meterkast, voorraad, enzovoort. Dat is het plan. Het plan is ook om dit zonder vergunning te gaan doen, want dit huisje hoeft van de buitenkant nauwelijks veranderd te worden.
Het tweede plan is de buitenruimte. Er moet behoorlijk wat grond verzet worden. We vertellen grappend: de voortuin is 2 hectare. Dat is niet overdreven. En rondom het huis ligt ook nog ongeveer 0,5 ha grond. Dit is dichte kleigrond. Dat betekent: zompig in de winter, kurkdroog in de zomer. Om de gebouwen stabiel te houden, moeten we drainage aanleggen. Dat gaan we dus ook doen. De gebouwen liggen ook op een helling. Het ziet er prachtig uit, maar voor gebruiksgemak is het fijn als het op plekken iets vlakker zou zijn. Dat gaan we dus ook doen. En er is dus nog geen water, elektra, en riolering. Die gaan we natuurlijk ook ingraven. Guillaume verheugt zich op de aanschaf van zijn eigen graafmachine, en ik ook. Dat kun je je zomaar voorstellen.
Het derde onderdeel wordt de hoge schuur. We hebben lang gedacht dat we de lage schuur zouden gaan ontwikkelen, maar we komen erachter dat we het onszelf daarmee onnodig moeilijk maken. We kwamen er niet uit: de optimale indeling, moeten we alle muren opnieuw opmetselen, hoe gaan we de boel verstevigen, en het dak… het dak, het dak. We maken daar voorlopig maar een prachtige schuur van. De hoge schuur, met die betoverende hoge deur die je meteen ziet als je aankomt: dat wordt het flagship project. Een prachtige zaal met hoog plafond, open keuken, en verbinding met het terras en de binnentuin. Dat wordt een onweerstaanbare ruimte voor events. Niet te groot, maar wel knus en luxe afgewerkt. Aan de achterkant van dit gebouw willen we een gîte maken, zo kan ook ons plan om met toeristische verhuur te starten alvast beginnen.
Daarna volgt de rest, de toren, b&b kamers direct aan de binnentuin, dat voelt allemaal nog wat verder. Voor nu is dit het plan, en we kunnen niet wachten!